Er zijn smartphones… en er zijn statements. 

Toestellen die niet alleen bellen, scrollen en foto’s maken, maar ook een subtiele boodschap uitzenden: “kijk, ik heb hier serieus geld aan uitgegeven en ik meen het.” Dit is zo’n toestel.

Groot, groter, Ultra

Laat ons beginnen bij de meest openstaande deur: dit ding is groot. Niet een ‘amai, dat is een stevig scherm’-groot, maar eerder een ‘hoe zet ik dit raam op kiep?”-groot. Op tafel leggen? Vergeet het. Zonder hoes wiebelt hij als een cafétafeltje op de Grote Markt waar net drie bussen toeristen passeerden. Het soort toestel dat je automatisch met twee handen vastpakt, niet uit luxe, maar uit pure zelfbescherming.

Geen overbodige luxe, dat voorzichtig vastnemen, want het duurde helaas niet lang voor het toestel uit mijn handen glipte. Oeps. (Sorry, Samsung.)

De stylus dan, dat was liefde op het eerste gezicht… voor iemand anders. Er zit dus een pennetje bij. Dat klinkt fancy, productief zelfs. Met business vibes. In de praktijk bleek het een relatie met ups en downs. Voor mij vooral downs. De bediening voelt namelijk heel wisselvallig, alsof je telkens net naast de juiste pixel zit. 

Handschriftherkenning? Die doet zijn best, maar lijkt soms te denken dat je hiërogliefen aan het schrijven bent na een zware nacht. Toegegeven, dat kan zeker voor een groot stuk aan mij liggen, met mijn hanenpoten. 

Snelheid en prestaties: wél een liefdesverhaal

En dan gebeurt het. Je opent een app. En nog één. En nog tien. Alles vliegt: dit toestel is razendsnel. Geen haperingen, geen excuses, gewoon pure kracht. Het is alsof je een luxewagen hebt die overal 220 rijdt… ook in de bebouwde kom. Niet dat het mag, maar het kán.

De camera lijkt me ook dik in orde, maar wat ken ik dààrvan? Ik ben geen fotograaf. Mijn expertise stopt bij ‘zit mijn vinger niet voor de lens?’ Voor zover ik het kan beoordelen: de camera is gewoon goed. Foto’s zien er scherp uit, kleuren kloppen, en je hoeft geen handleiding van 200 pagina’s te lezen om iets er wat bijzonder te laten uitzien. Dat is eigenlijk het grootste compliment.

Voor wie is dit toestel eigenlijk?

Dat is misschien wel de interessantste vraag. Dit toestel heeft volgens mij een héél specifiek publiek, dat uiteen valt in vier verschillende groepen:

  • Mensen die een gigantisch scherm willen.
  • Mensen die zich een (willen) zakenman voelen.
  • Mensen die denken: ‘een stylus? Ja, dat heb ik nodig in mijn leven’.
  • Of, laten we eerlijk zijn, mensen met een klein beetje boomer energy. No cap.

En dat is oké. Niet elk toestel moet voor iedereen zijn.

Privacy screen: stiekem de echte ster

En dan is er plots iets dat alles een beetje verandert: het privacy screen. Dat is gewoon zó cool. Daardoor zijn je meldingen niet zomaar zichtbaar voor de halve trein. Alleen jij ziet wat er gebeurt. In een tijd waarin iedereen over je schouder meekijkt (letterlijk en figuurlijk), is dit geen gimmick, maar een echte meerwaarde.

Sterker nog: dit voelt als iets dat binnen twee à drie jaar standaard zal zijn op alle smartphones. Eerst bij Samsung, daarna bij iedereen die niet wil achterblijven.

Buitengewoon is niet gewoon

Maar dan de olifant in de kamer. Is een smartphone dit bedrag waard? Mijn eerlijke antwoord, rationeel gezien: nee. Maar dat geldt voor veel technologie. En voor horloges, en voor auto’s, en voor alles waar emotie meespeelt. Je koopt dit toestel niet alleen omdat je het nodig hebt. Je koopt het omdat je het wílt.

Dit is geen allemansvriend, geen veilige keuze. En daar zit zeker iets charmants in. Technologie leeft namelijk pas echt wanneer ze schuurt, verrast of gewoon een beetje overdreven is en en dat doet dit toestel zonder twijfel.

Of je het nodig hebt? Nee.

Of je het wilt? Dat is een gevaarlijkere vraag.

Beeld bovenaan: Samsung

Plaats een reactie